sxsw2001

Niek (our soundman) wonders why he got the orange menu.
Bauer rocking the house in Austin TX  
Sceptisism at 6th street in Austin
Berend relaxing at the riverside in Austin  
Frank van Praag (guitar / electronica in Bauer) and Sonja  
Frank bummed out because the only Pringles flavour he remotely likes is sold out (Mustard & Grape)  
Sonja busy with drawings for PAROOL newspaper diary  
Bauer in front of The Mercury lounge 10 O' clock the morning after the show, drummer Robbert forgot his umbrella  
back to news    

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Donderdag 15 maart Texas is heel religieus, rijdend door deze belachelijk grote staat zie je door alle kerken nog nauwelijks het bos. Het is vreemd om te zien hoeveel mensen hier leven met de Heilige Schrift op het dashboard. In de bijbel staat: 'Gij zult niet gedurende het SXSW festival in Austin TX 1000 bandjes laten optreden.' Toch doen. We vinden het ongelofelijk hoeveel oervervelende rockbandjes zich in Austin ophouden binnen een straal van één kilometer. Je krijgt op deze manier een muziekoorlog die hoofdzakelijk wordt uitgevochten rond 6th Street, de straat waar alle bars en zaaltjes zijn en waar bands alles op alles zetten om tijdens een set van ongeveer 40 minuten te worden opgemerkt door een platenmaatschappij. Hier jagen vijfduizend muzikanten er in vijf dagen 20.000 microfoonstandaards, 30.000 microfoons, 200 drumstellen, 1000 gitaren en 4 synthesizers doorheen. Die synthesizers in dit guitar rockfest zijn van ons. Wij zijn de groep Bauer uit Amsterdam en we voelen ons hier vrij vreemd en cool ook wel. Vreemd omdat we een van de weinige bands met keyboards en piano zijn, en cool ook omdat we een van de weinige bands met keyboards en piano zijn. We moeten morgen spelen in The Red Eyed Fly Club in een drukke straat waar veel mensen lopen en dat is gunstig. We zijn met z'n zessen hier. De band: Sonja, Frank, Robbert en ik, dan Tanna, onze manager en Niek, onze geluidstechnicus. Onze plaat Can't Stop Singing die Sonja en ik vorig jaar samen hebben opgenomen op mijn logeerkamer op Bickerseiland, komt over een maandje in de US uit en 'everyone is real excited'. Gisteren was onze eerste avond hier. We stroopten een paar zalen af om thuis te kunnen zeggen: nóu toch een goeie band gezien! Helaas, het is moeilijk iets leuks te vinden. We kwamen terecht bij een Zweeds bandje genaamd 'Sweeper and Keeper', die voor een publiek van dertig man vochten met de piepen uit een monitorinstallatie. Na twee zinnetjes zingen stopten ze er weer mee en keken zwijgend naar de grond. Dit herhaalde zich tien keer. Verderop in de straat was een band genaamd Kacey Crowley aan het opbouwen. Het zag er veelbelovend uit - een band die een Wurlitzer elektrische piano en enkele analoge synthesizers neerzet, ziet er altijd veelbelovend uit. We bleven dus wachten tot ze begonnen, al misten we daardoor het begin van de set van Swag, de nieuwe band van de ex-drummer van de Chicago-band Wilco, Ken Koomer die een oude bekende is uit mijn tijd met Bettie Serveert. Toen een 1.50 meter lange gnoom-achtige rock chick (Kacey Crowley?) op een flightcase ging staan en op een Anouk/Dalbello-manier begon te blèren, was het voor Bauer tijd om het heil elders te gaan zoeken. Veel gitaren hier in Austin, heel veel gitaren. Ook veel Throwing Muses-achtige singer-songwriter-meisjes. We hadden gehoopt meer experimenten, of op z'n minst Aimee Mann of Ben Folds van het onlangs opgeheven Ben Folds 5 solo te zien. In plaats daarvan veel narigheid.

Vrijdag 16 maart De dag begint relaxed. Beetje op de motelkamer hangen, beetje op bed apparatuur uitproberen zodat we 's avonds niet voor verrassingen komen te staan. Drie van de vijf stroomconverters die we uit Nederland hebben meegenomen, hebben het om een of andere reden begeven. We moeten nieuwe kopen. De Red Eyed Fly is een half overdekte, half openlucht zaal, wat met het lekkere weer goed uitkomt. Voor ons spelen enkele lokale rockbands, daarna kunnen wij opbouwen. Aangezien Bauer altijd speelt met een loodzware Fender Rhodes piano, leek het ons slim deze en een aantal andere spullen te huren bij een van de vele rental companies hier in Austin. Een goed en een slecht idee, zo bleek. Goed omdat we dan in elk geval spelen op een instrument dat min of meer vertrouwd is, slecht omdat bij aankomst een paar essentiële zaken bleken te missen, zodat ik zonder sustainpedaal moest spelen. Ook leuk was: Tanna, onze manager, had van te voren in Nederland enkele verhuurbedrijven afgebeld om te kijken welke het goedkoopst was. Ze was met de goedkoopste in zee gegaan, maar de annulering van een duurder bedrijf was om de één of andere reden niet aangekomen, zodat een tijdje later exact dezelfde backline van een ander bedrijf de zaal werd binnengesleurd. Yeeeehaw! Dit werd gelukkig met een beetje babbelen door Tanna geregeld. De show is verder heel chaotisch. De sampler gaat een eigen leven leiden en start op eigen initiatief verkeerde nummers, een keyboard ontploft en rook komt uit onze oren. Gelukkig staan de cowboyhoeden ons goed en valt het spelen met paardensporen alleszins mee. De zaal is vol, iedereen is enthousiast en er zijn verschillende mensen die ons het beste van het festival tot nu toe vinden. Dat we tussen de nummers door een beetje uitleggen wat er precies aan de hand is werkt schijnbaar goed.

Zaterdag 17 maart De recensie - een halve pagina - in de Austin Cronicle van deze ochtend is charmant en positief en het live filmpje staat nu op de SXSW site. Puntje voor Bauer. Vandaag gaan we op stap: naar de platenbeurs (Country Moog Synthesizer Album voor tien dollar, Burt Bacharach Moog-album voor twaalf dollar en filmsoundtrack Capricorn One voor zes dollar), naar de vlooienmarkt (soundtrack Breakfast at Tiffany's drie dollar, Best of 5th Dimension twee dollar). Vroeger, toen ik met Bettie Serveert door Amerika toerde, struinde ik al alle lokale platenzaken al af naar Incredibly Strange Music en soundtracks, mijn score aan platen van toen is de basis geweest van de Bauersound. Het probleem met vinyl kopen is alleen: het is nooit genoeg, er is veel, en het loert overal. Rond vier 's middags rijden we weer door het festivalkwartier. Letterlijk uit elk café hoor je een bandje soundchecken: one, two, one, two, check, PIIIIIIIIIIIIIIIIIIIIEP!!! Eten met onze platenmaatschappij Wabana in een BBQ joint, lekker hoor, vervolgens nog even getwijfeld of we naar Stephen Malkmus gaan in de Austin Music Theatre. Maar te moe, en hij speelt over een maand in de Melkweg.

Zondag 18 maart Weer vliegen, twee keer, eerst van Austin naar Atlanta, dan door naar New York. Frank, onze gitarist en samplebuddy, houdt zich goed, er was een zekere mate van vliegangst bij hem geconstateerd maar het boekje Vliegangst! van Lucas Van Merwijk sleept hem er doorheen. Op het vliegveld zien we hoe radioman Marc Stakenburg een gewonde Tom Engelshoven (Oor) in een rolstoel voor zich uitduwt - een gescheurde spier tijdens jaarlijkse voetbalwedstrijd SXSW bezoekers- Austin Soccer Club. Hij was als een kind zo blij met enkele Bauer-buttons. In New York heerst het gevoel van thuiskomen, zelfs bij de mensen in de band die er vandaag voor het eerst in hun leven zijn. De eerste keer New York is altijd de beste. Onze spullen gedropt in het hotel. Daarna naar Japonica, een zeer goed sushirestaurant op University Place, voor de nodige vitamines en Zen. Vandaag is Sonja ziek (keel) en moet ze het bed houden. Tanna is de huurapparatuur aan het testen en Niek, Frank en Robbert zijn geld aan het uitgeven en aan het spugen vanaf het Empire State Building.

Maandag 19 maart Vanmorgen voor iedereen koffie gehaald en nu merk ik pas hoe vreselijk hoog die verrekte dollar staat. Zes tall cappucino's bij Starbucks kosten al snel 45 gulden. Gelukkig zijn we heel rijk. Behalve spelen staan er nog een paar zaken op de wenslijst: platen kopen, naar het Museum Of Modern Art en het Guggenheim, twee films kopen - een fake-documentaire van Peter Jackson over een filmpionier in het begin van de vorige eeuw en Real Life van Albert Brooks, een komedie over een familie die zich dag en nacht laat volgen door camara's: super en uit de seventies, z'n tijd dertig jaar vooruit. Overmorgen gaan we om half 7 in de ochtend in de rij staan voor last minute seats bij de Late Show van David Letterman. Of: als dat niet lukt, misschien een paar connecties inschakelen voor kaartjes, je weet maar nooit. Sonja, Tanna en ik zijn grote fans. De Bauer-show in New York speelt zich af in de Mercury Lounge op East Houston Street. Alle apparatuur is tiptop afgeleverd door een firma genaamd S.I.R, een bedrijf dat ook wel de bijnaam Shit In Roadcases krijgt. Maar vandaag niet; opbouw en soundcheck gaan zonder problemen. We zijn blij als we m'n goede vriend Johan Kugelberg (producer, entrepeneur, soigneur, record collector, connaisseur of fine foods en algemeen orakel) begroeten. Johan heeft een klein label hier en vult zijn dagen hoofdzakelijk met om zich heen kijken en signaleren wat cool is en wat niet. Hij heeft de meest krankzinnige platen en boekenverzameling die ik ken. Zijn vrouw was een ster in Battlestar Galactica en verkocht ooit haar kleine make-upbedrijf aan Estee Lauder. Nu zijn ze rijk. Ze hebben twee kinderen; Sam (9) is zeer vereerd dat Bauer een nummer voor hem en z'n vader heeft geschreven op het Can't stop singing album; pas nog nam hij het liedje mee voor zijn Show & Tell (spreekbeurt) op school. Bauer ook weer vereerd. Johan neemt ons mee naar de oudste pizza parlour in de stad, Lombardi's Coal Oven Pizza, 32 Spring St., en we zijn geheel uit het veld geslagen door deze geweldige pies. We spreken over de toekomst, over opnemen in de (Abba-) Polar studio's in Zweden, over dat het volgende album in een echte studio moet, over een vinylversie van Can't stop singing, over de toekomst die zeker komen gaat dus. We zien wel, alles ligt nog open. Het optreden is super, anders dan in Austin, beter. We zijn in topvorm, alles gaat open, ook Sonja's keel, ze zingt ondanks haar stemproblemen erg goed. Na ons speelt de ex-drummer van de legendarische melodische punkband Hüsker Dü, Grant Hart. Dat is dan wel weer een beetje triest, want van zijn energieke nummers blijft live niet veel over. Ook speelt hij veel te lang (anderhalf uur); na een half uur zitten wij in elk geval in de bar gezellig te chillen met Sonja's collega's van het Amsterdamse Park 4D TV, die toevallig ook in New York zijn. Dinsdag 20 maart Na de show, gisteren, hoorden we viavia dat de Bauershow in Austin een soort buzz heeft veroorzaakt en dat iedereen die met de plaat moet werken, er zin in heeft. Dat blijkt ook bij een paar meetings die Tanna vandaag in Manhattan heeft opgezet. Men ziet gelukkig ook de mogelijkheden van Bauer en filmmuziek, iets wat ik al heel lang wil. Elektronica en muziek die op het eerste gezicht een beetje vreemd is, wordt gelukkig voor mainstream commercials en film de laatste tijd niet meer als 'interesting but not usable' beschouwd. Die Amerikanen? Die leren het nog wel eens.

Een jaar geleden waren we hier in NY met een doos platen en demo's van Can't stop singing. We liepen alle platenmaatschap-pijen af, zonder veel succes. Nu, na een paar optredens, goede recensies en mond-tot-mondreclame, is alles honderdtachtig graden gedraaid. The power of Bauer? Wie weet. Berend.

back to news